Curatief strooien in Barneveld vraagt nauwkeuriger gladheidvoorspelling

De gladheidbestrijding in de gemeente Barneveld  wordt uitgevoerd door de afdeling Beheer Openbare Ruimte (BOR). Dit bestaat uit een zevental teams met verschillende aandachtsgebieden. De gladheidsbestrijding is teamoverschrijdend. De hele afdeling bestaat uit 120 man buitendienst en 30 man binnendienst. De gladheidbestrijdingsdienst beschikt over 10 strooiwagens en kan eventueel nog 3 trekkers erbij oproepen. De gemeente Barneveld werkt voor de gladheidbestrijding  overigens samen met andere wegbeheerders, zoals de provincie Gelderland en overlegt regelmatig met de buurgemeentes. Barneveld strooit curatief. Daarbij zijn de gladheidvoorspellingen van MeteoGroup essentieel.   

In de gemeente Barneveld zijn drie wegbeheerders actief: Rijkswaterstaat strooit de autosnelwegen, de provincie Gelderland strooit de provinciale wegen en de gemeente strooit haar eigen wegen. Elke wegbeheerder is zelf verantwoordelijk voor het strooibeleid en bepaalt zelf of er al dan niet wordt gestrooid. In sommige gevallen strooit de ene wegbeheerder voor de andere. Dit heeft te maken met een logisch aansluiten van strooiroutes op elkaar.
Wanneer gladheid wordt verwacht, wordt de gladheid op de meest vorstgevoelige plaatsen gemeten en is er contact met andere wegbeheerders. Daarnaast maakt de gemeente gebruik van het gladheidmeetsysteem en de  informatie van MeteoGroup.

Gerard van der Bij, gladheidscoordinator voor de gemeente Barneveld: “We zijn, denk ik, zo’n 10-12 jaar geleden begonnen met MeteoGroup. Inmiddels is er veel veranderd. Enerzijds op het gebied van de presentatie van de gegevens en de apps, maar ook in de snelheid van de informatie (nagenoeg real-time) en de nauwkeurigheid van de voorspellingen en de modellen.”

“Voor ons is MeteoGroup de aangewezen leverancier omdat ze servicegericht zijn, er goed overleg mogelijk is met de dienstdoende gladheidsmeteoroloog en de aan- en afmeldprocedure eenvoudig is.  De diverse meetgegevens en weersverwachting worden praktisch en begrijpelijk weergegeven. En het helpt natuurlijk ook dat we samen in de regio FoodValley actief zijn.”

 “Wij krijgen van MeteoGroup twee uur van tevoren een waarschuwing dat het glad wordt. Dit werkt fantastisch: ze bellen ons ook wanneer er weer aankomt met mogelijke gevolgen voor de gladheid. iets komt. Gladheid kan ook van plaats tot plaats verschillen. Wanneer het bijvoorbeeld in Barneveld nog niet glad is, kan het in de omgeving van Garderen wel glad zijn omdat de wegen in Garderen hoger liggen. Daarnaast hebben het type ondergrond, soort wegdek en ligging ten opzichte van bebouwing en bomen invloed op het al dan niet sneller glad worden. We gaan daarom nu ook van 1 naar 2 meetpunten in de gemeente, zodat we ook beter kunnen inspelen op de hoogteverschillen. Met de sensoren kun je ook goed zien of er gestrooid is en of er nog genoeg zout ligt. Dit is ook belangrijk voor de aansprakelijkheidstelling op het moment dat zich toch ergens een calamiteit voordoet. De wegbeheerder blijft uiteindelijk de eindverantwoordelijke.”

“In Barneveld hanteren we voor het strooien twee soorten strooirondes. Dat heeft te maken met het uitgebreide wegennetwerk. Daarom moeten keuzes worden gemaakt. Strooironde 1 omvat de belangrijkste wegen, straten en fietspaden. Zij kunnen op elk moment, 24/7, dus ook ’s nachts, worden gestrooid. Dit zijn doorgaande wegen, wijkontsluitingswegen, busroutes, doorgaande fietspaden e.d.  In deze 1e strooironde wordt ongeveer 370 km aan wegen en fietspaden behandeld.”

“Strooironde 2 omvat de overige wegen, straten, pleinen en fietspaden. Deze strooironde wordt alleen tijdens de gewone werktijden gereden als de wegen in de eerste strooironde voldoende zijn gestrooid. Dit betekent dus dat op bijvoorbeeld zon- en feestdagen de tweede strooironde NIET wordt gereden.”

Curatief strooien vraagt nauwkeurige gladheidvoorspellingen
“Onze gemeente kiest ervoor om curatief te strooien. Dat betekent dat de gemeente een strooiactie pas opstart als het glad is of als het vrijwel zeker is dat het glad wordt”, zo vervolgt van der Bij. “Dit is  in tegenstelling  tot preventief strooien. Hierbij wordt al eerder gestrooid. Door de combinatie van een vloeistof (pekelwater) met strooizout kleeft het gestrooide zout dan aan het wegdek. Als de weg bevriest, zorgt het al aanwezige zout ervoor dat het niet glad wordt. Bij curatief strooien wordt alleen strooizout gebruikt. Omdat geen vloeistof wordt toegevoegd verdwijnt het zout bij een droog wegdek sneller van de weg omdat het zelf onvoldoende kleefkracht heeft. Daarom wordt een curatieve strooiactie pas opgestart als het wegdek vochtig is en glad is of wordt.”

“We wijken hier wel af van de nationale trend. Inmiddels strooit in Nederland 80% van de wegbeheerders preventief. Het grootste voordeel daarvan is de timing. Je kunt veel makkelijker het strooien alvast in ‘je eigen tijd’ doen. Met preventief strooien kun je in principe ook harder rijden maar ons wegennet leent zich daar toch niet voor, daar is voor ons gen winst te halen. In theorie heb je bij preventief strooien minder voortuigen nodig, maar zo werkt het voor ons niet.”

“Hier staat namelijk tegenover dat je bij preventief strooien ook regelmatig moet vaststellen dat het strooien voorbarig was. We hebben in Barneveld zo’n 25% minder strooiacties dan vergelijkbare gemeentes. Dat scheelt flink in mankracht en dus in kosten. Maar ook voor het milieu heeft het een beter resultaat. Het vraagt wél om meer controle en bewaking om toch op hetzelfde veiligheidsniveau uit te komen.”

“We moeten dus sneller kunnen reageren. Die extra controle en bewaking ligt vooral bij onze partners van MeteoGroup. Zij moeten zorgen dat er in de weerkamer altijd iemand is die het weer in de gaten houdt. Dat gaat gelukkig heel goed. We zijn goed op elkaar ingespeeld, en zowel via de directe lijn met de weerkamer als met onze online systemen, gladheid.nl en de RoadMaster App, zijn we steeds voldoende snel gewaarschuwd om tijdig te kunnen ingrijpen. Maar het blijft reactief, dus zorgen we er ook voor dat onze burgers weten dat zij bij gladheid ook zelf alert moeten blijven.”

“Omdat ons strooibeleid qua timing nog wel kan afwijken van onze partners en buurtgemeentes, zorgen we er altijd voor dat de overgang tussen wel of niet gestrooid altijd op een logische plaats is, een kruising of bij een rotonde. Dus de gemeentegrens is daarbij niet heilig.”

Als een strooiactie moet worden uitgevoerd, worden de chauffeurs en de shovelmachinist opgeroepen. Binnen een uur na oproep vertrekken de strooiwagens en wordt de strooiroute gereden. - Afhankelijk van de soort gladheid wordt vervolgens 24 – 35 ton wegenzout per strooironde op de wegen gebracht.  De voertuigen zijn hiermee 2,5  tot 3,5 uur bezig. Blijft de gladheid voortduren, zoals bij sneeuwval, dan wordt de strooiactie voortgezet. Wanneer echter op sneeuw zout wordt gestrooid en er rijdt geen verkeer op, worden zoutkorrels onvoldoende met de sneeuw gemengd en verdwijnt de sneeuw maar gedeeltelijk. Op fietspaden moet daarom sneller een sneeuwploeg of rolbezem worden ingezet om sneeuw te ruimen dan op wegen waarop autoverkeer rijdt. Fietsverkeer kan het gestrooide zout niet voldoende mengen met de sneeuw waardoor het zout niet oplost.

“Door gebruik te maken van een gladheidmeldsysteem kan gladheid overigens nooit geheel worden voorkomen”, zo benadrukt van der Bij. “Een gladheidmeldsysteem is een hulpmiddel om in combinatie met een weersverwachting te kunnen berekenen of en wanneer het glad kan worden. Daarnaast kunnen we met zo’n systeem zien hoeveel wegenzout nog op het wegdek aanwezig is en of dit voldoende is om gladheid tegen te gaan.” Maar uiteindelijk blijft het ook een zaak van gezond verstand. Daarom communiceren we ook de hele winter met onze burgers over onze strooiacties  (o.a. via Twitter) en de kans op gladheid in de gemeente. De burger moet alert blijven. Ongeacht hoe goed onze voorspellingen en onze acties zijn.”

Voor meer informatie over de MeteoGroup Winter Management-oplossingenneem contact met ons op.

Voor ons is MeteoGroup de aangewezen leverancier omdat ze servicegericht zijn, er goed overleg mogelijk is met de dienstdoende gladheidsmeteoroloog en de aan- en afmeldprocedure eenvoudig is.  De diverse meetgegevens en weersverwachting worden praktisch en begrijpelijk weergegeven.